Atoom Alliantie
Facebook Image
Follow Us On Twitter - Image

(Leestijd: 4 - 7 minuten)

Klimaatvluchtelingen Claus aan de Wiel en Ine van den Dool hielden van de Hoeksche Waard. „Een paradijselijke, helende plek. Het windpark heeft dat verziekt.” (Telegraaf 31/10/2020)

klimaatvluchtelingDe eerste Nederlandse klimaatvluchtelingen zijn een feit. Niet vanwege natte voeten, maar omdat burgers het geluid van windparken niet kunnen harden. Ook omwonenden van biomassacentrales klagen steen en been. Zijn gezondheid en milieu in Nederland ondergeschikt aan onze klimaatdoelen? „Ik zie wel een overeenkomst met het Groninger gas en de Limburgse mijnen: energiebelangen wegen zwaarder dan andere belangen.”

Elke keer als hij zijn Connexxion-bus over de Haringvlietbrug stuurde, keek Claus aan de Wiel bezorgd naar het noordwesten. Richting vijf windturbines van tweehonderd meter hoog, tien kilometer verderop nabij Piershil. „Hoe staat de wind? Waait het niet te hard? Hoe zal het zijn, als ik straks thuis ben?” Wordt het opnieuw een avond waarbij de turbineherrie als een rollende, grommende branding boven de tv uit dendert? „Ik deed geen oog meer dicht. Soms stapte ik na slechts drieënhalf uur slaap weer op de bus.”

Windangst.
De buschauffeur en zijn partner Ine van den Dool kregen er last van nadat op vijfhonderd meter van hun huis windpark Spui werd opgericht. De initiatiefnemer pochte nog over de Rolls-Royce onder de windturbines – zó stil. „Maar wij schrokken ons dood. Het lawaai was niet te harden. Het huis is gebouwd door mijn ouders, ik groeide er op en dacht er pas tussen zes planken te vertrekken, maar we hielden het niet uit”, zegt Aan de Wiel. Van drie kanten knalden de geluidsgolven op de gevels. Zelfs de mollen verdwenen uit hun tuin.

Van den Dool hield van het groen en de ruimte in de Hoeksche Waard. „Het was een paradijselijke, helende plek. Waar we met vrienden tot laat in de tuin zaten. Het windpark heeft dat op walgelijke wijze verziekt. Het was alsof er continu een straalvliegtuig boven ons hoofd cirkelde. Ik kreeg zware astma en kon ’s nachts niet stoppen met hoesten. Alsof mijn lichaam uitschreeuwde: dit is niet veilig, je moet hier weg.” En dus vertrok het tweetal. Als klimaatvluchteling in eigen land. 

Het is de samenpersing van lucht als een wiek langs de mast scheert die het typische turbinegeluid maakt. „Onze geluidsnormen voor windturbines zijn veel soepeler dan in omringende landen”, stelt Fred Jansen uit Schagen. Als voorzitter van het Nationaal Kritisch Platform Windenergie verzette hij zich tien jaar geleden al tegen de nieuwe geluidsnormen van het kabinet. Volgens Jansen pakken ze slechts uit in het voordeel van windparkenbouwers. „Omwonenden zijn de dupe.” 

Uitschieters

De Wereldgezondheidsorganisatie WHO adviseert het windturbinegeluid voor omwonenden onder gemiddeld 45 decibel per dag te houden (45 L-den). Luider lawaai „wordt geassocieerd met nadelige gezondheidseffecten”, aldus het rapport ’Environmental Noise Guidelines for the European Region’ uit 2018. De Nederlandse wet laat echter gemiddeld 47 decibel overdag toe, en uitschieters ver boven de 50 decibel. Aangezien elke drie decibel een verdubbeling betekent, scheelt dat een slok op een borrel, meent Janssen.

Geluidsdeskundige Marcel Blankvoort bevestigt de Nederlandse uitzonderingspositie. Ons land werkt met gemiddelden, waar andere West-Europese landen afgezien van Noorwegen een maximale piekbelasting op de gevel toestaan. „En wij nemen achtergrondgeluid niet mee. Elders mag een turbine op een industrieterrein meer herrie maken dan op het platteland, omdat daar toch al meer lawaai is. Bij ons geldt overal dezelfde norm. Daarom ervaart men windmolens in een voorheen stille polder eerder als verslechtering van de woonomgeving.” In het ’Nijpelsiaanse landschap’, vol windparken, raken die geluidsgolven steeds meer burgers.

Niet alleen windenergie helpt het kabinet aan, op papier, een halvering van de CO2-uitstoot per 2030. Ook subsidiëring van de opstook van houtige biomassa helpt de Haagse boekhouding om te voldoen aan het Akkoord van Parijs. Miljarden euro’s subsidie zijn al toegezegd voor honderden biomassacentrales. Maar de overlast voor omwonenden veroorzaakte mede een fel maatschappelijk debat over houtstook. 

„Laatst stond onze slaapkamer weer vol rook”, vertelt Rini Ruitenschild uit Ede. Hij woont met zijn gezin op honderdtachtig meter afstand van één van de lokale biomassacentrales, die geen gas maar hout stookt voor stadsverwarming. „Het is niet de eerste keer. Mijn vrouw heeft een longprobleem. Als dan weer je hele huis vol vieze lucht hangt, dan word je wel link.” Officieel houdt het warmtebedrijf zich aan de regels. 

Dat geldt in Zaandam ook. Maar bewoners van seniorenflat De IJdoorn zijn er klaar mee. Vanaf de elfde verdieping zien Co en Jeanne Meester regelmatig de rook uit de veel lagere schoorsteen dwarrelen van de biomassacentrale zo’n tweehonderd meter verderop. „De stank is niet te harden. Hoe haal je het in je hoofd om zo’n ding midden in een woonwijk te plaatsen, direct naast een school en vlakbij een ziekenhuis?”, zegt Meester. „Wij zijn bezorgd over het effect op onze gezondheid en die van mijn flatgenoten.”

De nadelen van houtstook voor energie zijn al jaren bekend, stelt Fenna Swart van het Comité voor Schone Lucht. „Het is duur, het verwoest ecosystemen en het is slecht voor de biodiversiteit. Daarnaast zorgt de uitstoot van houtverbranding voor luchtvervuiling. We hebben niet eens normen voor ultrafijnstof dat in onze longen dringt. En dan zijn er nog andere zeer zorgwekkende stoffen waar geen filter tegen helpt. Het is niet voor niets dat mensen die op hout koken in ontwikkelingslanden gezondheidsproblemen krijgen. En wij grijpen daar nu op grote schaal naar terug, in Nederland en heel Europa.”

Uitkoopregelingen

Ook het Longfonds is bezorgd over gezondheidseffecten en krijgt regelmatig klachten over biomassaverbranders. In de zomer reageerde het fonds verheugd op de ’afbouw van het gebruik van houtige biomassa’, zoals de Sociaal Economische Raad wenst. „Maar van die afbouw zien we nog niets”, kritiseert Swart. „Omdat minister Wiebes nalaat het advies over afbouw te concretiseren met data en uitkoopregelingen. De Tweede Kamer zit erbij en kijkt ernaar. Industrie en politiek houden elkaar vast en onze gezondheid heeft het nakijken.”

In Piershil zocht Ine van den Dool naar een verklaring voor haar fysieke klachten sinds de windturbines draaiden. Ze stuitte op het ’windturbine-syndroom’, een term van de Amerikaanse dokter Nina Pierpont. Wetenschappelijk is er nog veel discussie, maar Pierpont registreerde bij meerdere personen die nabij windturbines wonen een lijst van identieke klachten: slaapverstoring, hoofdpijn, tinnitus, duizeligheid, misselijkheid, irritatie en hartritmestoornissen. „Heel herkenbaar. Inslapen en doorslapen ging niet meer. Ik ontvluchtte het huis zo vaak ik kon.” 

Mondjesmaat roeren ook Nederlandse artsen zich. Enkele huisartsen, zoals Sylvia van Manen in Medisch Contact, waarschuwen al voor de effecten van laagfrequent geluid, slagschaduw en nachtelijke knipperende lichten. Het Leids Universitair Medisch Centrum onderkende recent een verergering van hartkwalen door laagfrequent geluid. „Als er zoveel aanwijzingen zijn dat het mis is, dan moeten we dat toch onderzoeken?”, zegt Fred Jansen van het Kritisch Platform Windenergie. „Of tenminste het WHO-advies volgen. Maar ja, dat zou betekenen dat er in Nederland minder molens passen.”

Bij ingenieursbureau Cauberg Huygen werkt Marcel Blankvoort als kennisleider zowel voor windparkontwikkelaars als voor belangengroepen die zich ertegen keren. „Het is altijd een afweging tussen tussen meerdere belangen, waaronder die van bewoners en energieopwekking. Wel is helder dat onze overheid haar keuzes over geluidsnormen zo heeft gemaakt dat de verduurzaming door de energietransitie mogelijk is. Ik zie wel een overeenkomst met het Groninger gas en de Limburgse mijnen: energiebelangen wegen opnieuw zwaarder dan andere.” 

Stress-situatie

De klimaatvluchtelingen uit Piershil zijn sinds de zomer verhuisd naar een rustiger plek op Goeree-Overflakkee. Ze zijn de zesde familie binnen twee jaar die verhuist vanaf de Oudendijk. Aan de Wiel zegt nu een stuk rustiger op de bus te zitten. „Ik begrijp nu in welke gigantische stress-situatie we leefden. Het was alsof ik daar op mijn dood zat te wachten; eenmaal thuis had ik nergens zin meer in. Maar als ze morgen die turbines afbreken, zou ik graag terugkeren. Ik mis de plek van vroeger.”

„We zijn geen ’bunkerburgers’ meer”, valt zijn partner hem bij. „Daar konden we niet slapen met het raam open, noch zitten in de tuin. Hier leven we weer buiten. En we slapen als marmotten, alsof we een eeuw moeten bijslapen.” Binnen twee weken na de verhuizing was Van den Dool van het medicijn Ventolin af, omdat haar astmaklachten als sneeuw voor de zon verdwenen. „Is dat toeval? Nee, het bewijst voor mij wat voor abnormaal leven we moesten lijden, onder het geweld van die rotturbines.”


BBB Blok witEen slogan die ons verantwoordelijkheid geeft in plaats van oplegt, die ons laat participeren in de maatschappij in plaats van laat volgen. Die ons moed geeft in plaats van angst.
De burger is baas en de politiek mag volgen.
logo landelijk meldpunt bomenkap

Interessante videos

Om naar youtube te gaan klik op de afspeelicon - dan rechts onderin op het vierkantje - voor ondertiteling kies het tandwieltje in youtube - ondertiteling - met escape keer je weer terug op de website

De onmogelijkheid van windturbines

Klimaatverandering: wat zeggen de wetenschappers

Kunnen we op wind en zon vertrouwen?

Zijn 97% van de kimaatwetenschappers het eens?


Wat is er mis met wind en zonneenergie?

Klimaat of milieu?